zondag 23 november 2008

Dode spoorwegen en het hellevuur

Na zo'n twaalf uur in bus, tuktuk, boot en taxi, haalden Kwok en ik het tot in Kanchanaburi. Onze mond viel toch even open van verbazing toen bleek dat ons hostel als het ware dreef op The River Kwai en we ons begaven tussen de lotussen!
Een stad met zowel natuur als cultuur EN geschiedenis, we deden even een vreugdedansje. Er was bovendien ook nog een nachtleven in Kanchanaburi, maar daarover later meer.

Onze eerste dag in the city of River Kwai hebben we gesleten in het Railway Museum, kwestie van te weten wat er allemaal gebeurd is op de plekken die je de volgende dagen te zien gaat krijgen. En in de straatjes tussen alle marktjes, eetstalletjes en winkeltjes. Blijven lachen om het feit dat de Thaien alles op stokjes, in zakjes en met rietjes verkopen!

Iedereen kent wel die schilderijen die bij de plaatselijke Chinees hangen: watervalletjes die bewegen, licht geven en gigantisch onnatuurlijke kleuren hebben, wel ze bestaan ECHT! Kwok en ik hebben er zelfs door geploeterd. Het is een eind klimmen tot helemaal bovenaan om alle zeven de trappen van de watervallen te zien en het is moeilijk om je niet te storen aan de bende Russen en Fransen die de klim absoluut in bikini en op flipflops willen doen om dan een fotoshoot te houden aan de watervallen. Maar het is wel prachtig om te zien en heerlijk verfrissend om de hitte van de klim van je af te spoelen in die heldere pools!


Tweede deel van de namiddag was iets minder verfrissend. Die begon met een inleiding op de manier waarop 100.000 Britten, Australiers, Thaien en Nederlanders omgekomen zijn als Prisoners Of War in WO2. Door het bouwen van een spoorweglijn van 415kilometer op 20 maanden tijd, met 1maaltijd per dag en malaria en cholera-epidemieen.
Waarna we dus ook effectief de spoorweg, en daarmee het slachtveld van zovelen, te zien kregen. Huivering!


Tenslotte ook een treinrit gemaakt over het deel van de spoorweg dat nog gebruikt wordt en een stukje brug. Dit zorgde echter voor een paar hartslagen meer, sinds de trein stampvol zat, ik in het deurgat ZONDER DEUR moest zitten en The River Kwai zo'n 50meter onder mij zag doorscheuren.


Diezelfde avond, nadat Kwok mij moest tegenhouden om de oude, vadsige, blanke venten niet met hun oorhaar van de jonge Thaise meisjes weg te trekken, belandden we in een bar waar effectief het mooiste meisje van heel Thailand werkte. Kwok won haar meteen voor zich met een origami-bloemetje, waarop zij een honderd keer mooier bloemetje teruggaf. Het klikte meteen en dit verhaal zou een heel mooi einde gehad hebben, moest de mooie Saa, Engels gesproken hebben. Maar het mocht niet zijn en Kwok moest met een gebroken hart terug naar Bangkok vertrekken. Na nog een helse shoptocht naar namaakgoederen is Kwok, met enige droefheid in zijn oogjes, terug naar Belgie gevlogen. Weliswaar met twee keer de bagage die hij mee naar hier had, want Fie, Moen en ik hebben wijselijk onze overbodige spullen in de zak van Kwok gedropt :D
Ik ben dan met de bus terug naar Surin gegaan om Fie en Moen te joinen voor een hels olifantenfestival met parades en optochten waar Aalst Carnaval iets van kan leren.

Intussen staat het ook vast dat we vanaf 30december weer met vier zullen zijn,
rara who would the secret visitor be?

Take care in the belgian cold, loved ones,
we'll keep it warm for ya_

Want een olifant loopt door!

Het zal misschien een beetje debiel klinken, maar het paradijslijke eiland Koh Chang in Thailand heeft 1 ding gemeen met het nu ijskoude Brussel (*gniefelgniefel*); de ring is niet rond!

Na onze fantastische olifantentocht gingen Marieke en Kwok met de ferry terug richting vasteland. Sofie en ik besloten nog even langer te genieten van zon, zee en strand en vertrokken naar Long Beach. Long beach is een van de laatste ongerepte stranden van Koh Chang en bijgevolg dus de ideale plek om tot absolute rust te komen. Het enige nadeel is dat, zoals ik al zei, de `ring rond Koh Chang` niet rond is en dus niet doorloopt tot Long Beach. Het was een heftige rit van anderhalf uur, (waarvan voor minstens een half uur de weg spoorloos was) maar het was absoluut de moeite.
Aangezien we al enkele dagen in "uitrustmodus" op Lonely Beach spendeerden, besloten we maar 1 nachtje op Long Beach te blijven.

Volgende dag naar de ferry dus, next stop: Surin

Surin, zoals u in een bericht van Kwok en Marieke kon lezen, de Olifantenstad. Al bij al is het stadje Surin zelf nogal rustig (lees: saai), maar rondom dit stadje zijn er; het olifantendorp, het zijdeweversdorp, het zilverbewerkersdorp, enzovoort. Ideaal om te bezoeken vanuit Surin, ware het niet dat (ondanks onduidelijke data in de reisgidsen) het laatste weekend van november in Surin het olifantenfestival plaatvindt. Onze timing zat dus bijna helemaal goed!

Sofie en ik (K/Moen) besloten dus om te blijven hangen voor het festival. En beter nog, we hebben zelfs Marieke, die Kwok zou droppen in Bangkok, overtuigd om naar Surin af te reizen.

Het olifantenfestival bood vanalle spectakel, de enige moeilijkheid was nu het festivalprogramma vertaald te krijgen. De stad Surin hing vol affiches met daarop het programma van het festival, NATUURLIJK in het Thais en amper een Thai die genoeg engels sprak om ons een duidelijke vertaling te geven. Maar uiteindelijk doel quasi bereikt- reken alvast wat uurmarges in.


Om het festval te openen bouwden de verschillende scholen van Surin en omstreken fenomenaal prachtige praalwagens die in een stoet door het stadje paradeerden, met als centraal thema uiteraard; de olifant. Het leuke aan deze praalwagens was bovendien dat ze volledig uit Bamboe, fruit en groenten werden opgebouwd.


De ochtend nadien (vrijdag) was er het olifantenbuffet. Er werd voor alle deelnemende olifanten (zo'n 200) een gigantisch buffet van bananen, meloenen, rapen, komkommers, ananassen en veel meer, uitgestald op een ellenlange buffettafel. Na opnieuw een parade door de stad, deze keer met de olifanten erbij, mochten deze grijze reuzen zichzelf volproppen met al dat lekkers. Geweldig om te zien. Moest iemand het zich afvragen, het buffet is tot op de laatste banaan opgepeuzeld (weliswaar met wat hulp van lokale armere bevolking die op tactische wijze een grote zak had meegenomen die voor de parade op een even tactische wijze werd volgepropt met gezonde snacks voor de hele familie).


Er was ons ook verteld dat later die dag een generale repetitie zou plaatsvinden van 'the elephant round up', de show van zaterdag en zondag waarin de olifanten kunstjes doen en voetbal spelen enzo (jeej). Wij dachten; ideaal moment om die Thaien te tonen dat een Belg ook 'tactisch' en 'wicked' kan zijn en we trokken 'tactisch' richting het olifantenstadion. Jammergenoeg bleek achteraf dat de generale repetitie verschoven was naar donderdag en dat we die dus 'tactisch' gemist hadden. Jammer maar helaas.



Met een overdosis aan olifanten besloten Sofie, Marieke en ik om onze zakken te pakken en de volgende ochtend richting Cambodia te trekken.
Cambodia, land van de Khmer, Angkors en ... euhm ... Cambodianen zeker!?
De volgende dagen bezoeken we het legendarische Angkor Wat, maar daarover later meer.

zaterdag 15 november 2008

Zweten

Beste fans en jaloerserikken,
wij zijn intussen nog steeds op Koh Chango omdat wij
1. GEEN tamzakken zijn en wel degelijk een tocht door de jungle wilden maken
2. het zwemmen met olifanten ons een absolute must leek
3. omdat een paar extra uurtjes strand toch nooit kwaad kunnen :)

Daarom hebben wij dus ons zuurverdiende geld besteed aan een Thaise Mougly die ons met zijn apenman (hij leek effectief op een aap) recht naar de top van de hoogste berg op het eiland gidste!
Dit was een hele zware tocht, voor sommige was de klim al iets moeilijker dan voor anderen (Tiens wie zou er beter stoppen met roken?) . Ja ik heb me geamuseerd met 80jarige vriend de apenman helemaal achteraan :) maar uiteindelijk heb ik (wel een kwartier later) net zoals Kwok, Moen en Fie, de top bereikt, waar natuurlijk een prachtige view over het eiland en de zee te zien was. We hebben nog nooit zo hard gestonken naar zweet, muggenspul, zonnecreme, rubber die uit de bomen gleed en wel ja nog eens zweet. Allemaal een stel blijnen, blauwe plekken en schrammen rijker konden we (naar ons eigen idee in een matige) waterval springen en heerlijk afkoelen en een mooie sunset aanschouwen op het paradijslijke strand dat u al eerder te zien kreeg.

Dezelfde avond kochten we een ticket om op zaterdag naar een nog mooier strand te gaan, maar toen Moen opeens een flyer zag liggen over een tour waar je met olifanten kon zwemmen, hebben we die arme vrouw om half twaalf 's nachts wakker gebeld om een tour vast te leggen.
De foto's spreken waarschijnlijk voor zich maar het is dus absoluut on-voor-stel-baar om met een olifant het meer in te duiken en daar dan plezier mee te maken in het water. Jaja de douche als hij water uit zijn slurf spuit, lekker tuimelen en Fie en Mary kopje onder krijgen en natuurlijk niet te vergeten: net voor wij allemaal het water uitgingen toch nog een heerlijke drol in het water placeren!
Morgen splitten we terug, Fie en Moen blijven nog een dagje op Koh Chang om toch nog naar het verlaten strand te gaan. Kwok en Mary trekken door naar Kanchanaburi waar de film The River Kwai is opgenomen!
In geval van nood of te erg gemis (rekening houdend dat het hier 6uur later is):
Fie: +66879382025
Moen: +66879382066
Marieke: +66879382050

donderdag 13 november 2008

Hete Kussen uit Koh Chang

Lieverds,
met ons gaat alles goed! Een paar dagen vakantie op vakantie...zon, zee, strand en verse fruitshakes!
Veel meer moeten we er niet op zeggen:



maandag 10 november 2008

hot chili squid

Moest er ooit een wedstrijd komen voor de 'chips met de raarste smaakjes' maken ze hier in Thailand een grote kans om die te winnen. Niet alleen vind je er zeewiersmaak, inktvis en pikant zeegedrocht in een zakje. Het Thaise 'Lays' is er in geslaagd om een echte Pork'n Beef Cheeseburger om te zetten in een krokant aardappelschijfje.
Qua verpakking zijn ze ook niet enorm duurzaam aangezien het plastieken omhulsel van de koekjes hier zo dik is dat je minsters 3 scharen nodig hebt. Ook de harde plastieken bakjes waarin kleine koekjes liggen zijn meestal 7 keer zwaarder als alle koekjes samen.

Maar goed, dit culinair intermezzo even ter zijde... Moen en Fie zijn op doortocht geweest.

Onze eerste halte was het kleine en mooie stadje Ayuthaya. Hier vind je enorm veel ruines van oude tempels ten midden van het een groot groen park. Wat rondgekuierd, ook fietsen gehuurd en liggen zweten.

Wat Mahathat

De dag erna zijn we naar Pak Chong getrokken voor het Khao Yai National Park. Een leuke jungle tocht, gigantische waterval (waar we natuurlijk de meest toeristische foto's ooit trokken), apen, enorm veel bloedzuigers, een wilde olifant EN een echte giftige slang... Van die laatste zijn we eigenlijk niet geheel zeker van de echtheid. Na een vruchteloze 2uur trekken door de jungle vond onze gids te midden van het groen plots een slang. Iedereen haalt de camera boven om deze Indonesische viper (giftig EN dodelijk!) te fotograferen. Het lamme dier bleef muisstil liggen op een twijg(!) maar goed. We geloofden hem...
Ware het niet dat we een 30tal minuten later ineens knak dezelfde slang, in knak dezelfde positie tegenkwamen weeral op een twijgje... Goed tot daar aan toe denk je dan, de jungle zit vol verrassingen...
Ware het niet dat onze gids deze slang (die wij vanop 30cm nog niet zagen liggen door de geweldige camouflage kleur) spotte vanuit een rijdende jeep (!) vanop een afstand van 5 meter(!)... Toen ik dan ook even luidop meldde dat ik het toch wel bizar vond dat hij er effectief in was geslaagd de slang te spotten, bleek dat ik niet de enige was. We vermoeden dat onze gids zijn rubberen slang stiekem daar had neergelegd om ons toch een wild beestje te kunnen tonen.



We waren een uurtje onderweg toen het ineens begon te stortregenen... Gelukkig was de gids voorbereid en had hij PONCHOS mee! Jochei dachten we jammer genoeg veel te vroeg. De celufaan-folie-ponchos scheurden sneller dan de lokale Johnnys op hun brommertjes en er bleef van de poncho enkel een stuk folie over. Bijgevolg waren we toch kompleet doorweekt.

moen en de celufaan-poncho

De dag erna een nieuwe uitstap naar het zogezegde 'apendorp' Lopburi. Op het eerste zicht niet veel apen te zien in het nogal saaie dorp. Stilletjes begonnen we ons bedrogen te voelen tot we plots een tempel naderden waar het echt krioelde van de apen. De rotbeesten maken er eigenlijk gewoon alles kapot en worden er dan ook nog voor vereerd! kedoink? De apen bengelen aan de telefoonkabels, trekken de antennes af van autos en schijten heel de tempel onder... maar overal wordt er voor hen eten gestrooid... leve deze beesten? twijfels...


Na deze zeer boeiende uitstappen besloten we af te zakken naar Trat voor een heuse meet 'n greet met Kwok and Mary. De nachtbus op... geen pretje! Gezond erop, met airco-snotneus eraf. Snel en laat een guesthouse zoeken, niet het beste bleek achteraf: zie foto!
onze pombak en bijhorende bengelende sifon


Nu een beter guesthouse gevonden en morgen vertrekken we naar het eiland Ko Chang voor wat zon en zee. Daarna trekken wij twee naar Surin. We houden jullie op de hoogte!

zondag 9 november 2008

Kwok and Mary and the elephant village

Derde dag in Bangkok en we zijn gesplit, Fie en Koen, sjansaars meteen een trein naar hun bestemming, Kwok en ik, zwaar balen, moesten 10uur wachten voor de eerste nachttrein naar Surin, het olifantendorp!

Onze zakken achtergelaten in een TE louche luggage storage en naar de shopping mall! Onze weg gezocht tussen de manga-gamers, om de niuwe James Bond te gaan kijken. Dat was dan toch al 2uur minder dolen door Bangkok.

De nachttrein naar Surin (spreek uit als SuLin want ze hebben hier wel namen met een R maar uitspreken lukt nog steeds niet) bleek een STOOMtrein te zijn die dan nog eens defect was en onze achterwerken 10uur lang serieus op de proef stelde. (harde banken en waggelen maar)

Surin is een boerenhol waar niks te beleven valt, maar onze hostelowner Pirom, weet ALLES van Thailand en de buurt rond Surin. Hij nam ons een hele dag mee naar primitieve dorpen waar vrouwen van over de honderd verdovende noten kouwen en rupscocoons koken om er zijde van te maken. Helemaal ondergedompeld in de Thaise cultuur en de Khmerbevolking (Een of andere subcultuur.) dus.

Tegen de avond aan, helemaal doodop van het vele rondhossen tussen de dorpen en aandachtig luisteren naar de Thaise geschiedenis van Pirom, rijden we door de rijstvelden waar overal olifanten opduiken. In het midden van de rijstvelden water aan het sproeien uit hun slurf. Pirom stopt en vraagt aan een man of Kwok en ik niet op zijn olifant mogen rijden. Een paar minuten later klauterden Kwok en ik op een olifant. Dat ging al iets gemakkelijker bij Kwok dan bij mij(tenslotte grote beesten he), maar ok het is gelukt. FANTASTISCH! Bijna sunset in de rijstvelden en waggelen op een olifant. Vrij intens om je eigen schaduw te zien met onder je een olifantenschaduw!!!

Vandaag nemen Kwok en ik de nachtbus naar Trat om naar het paradijslijke eiland Ko Chang te gaan en Fie en Koen terug te meeten.

Keep on working there folks!

woensdag 5 november 2008

Lampoooo Hoouuuu

Om van wal te steken; we leven, hebben al ons geld nog en nog geen schijterij! whoehoew!

Na een extreem lange taxirit aangekomen in lamphu house (Lampooooooooooo Houuuuuuuuuuuuuuuu uitgesproken op zn thais). Leuke (en propere) kamer middenin het backpacker-destrict en dus onmiddellijk de lokale eetstalletjes gaan testen en daarbij ook een Thaise massage; Een half uurtje lang liggen relaxen in een ietwat donkere kamer met nog andere toeristen, die net zoals ons gekraakt werden tijdens de constante vraagstelling "A you okee?".


taxirit

de kamer


Kwok kwam aan samen met de vermoeidheid en dus het bed opgezocht. Vandaag enorm veel gestapt richting the Gold Mount (nadat we ons natuurlijk overslapen hadden). Daar een stuk of 54687 minitrapjes opgeklommen en bovenaan beseft dat onze Kwok extreem hard in de smaak valt bij de thaise deernes... Gegiechel en ongegeneerd staren allom en deze keer niet omdat we blank zijn!

Nieuw gebouw ter nagedachtenis van de zopas gestorven prinses


minitrap

In de verschillende wijken van bangkok hangen compleet verschillende sfeertjes... In Banglamphu (onze wijk) een gezellige knusse sfeer, bruisend van lokale stalletjes, kleine winkeltjes en aankomende en vertrekkende toeristen. Het centrum is dan weer volledig verwesterd, grote gebouwen, McDonalds en extreem veel verkeer. En tussenin vonden we ook de eerder verloederde gebieden waar bijna niemand op straat te vinden is.



Bangkwok (het grapje moest een keer gemaakt worden)

Nog een laatste tocht richting Lumphini Park, nachtelijke aerobics ten top, en dan maar de taxi richting LH. Nog een rode thaise curry, Tofu en knoflooksaus en weerom viel de nacht.

Leve Obama!


Zoenen en zwaaien